Iriscopie

Iedereen wordt geboren met een type oog (constitutioneel) waaronder bepaalde zwakten vallen. Die zwakten hoeven nooit manifest te worden, maar bij het ontstaan van een ziekte is het nuttig om aan de hand van de iris te bepalen onder welk type iemand valt.

Bij het kijken naar de ogen let een iriscopist vooral op de vervormingen en kleurveranderingen van pupil en iris. Er zijn veel soorten tekens die allemaal duiden op een specifieke aanleg en/of probleem. Naar gelang iemand minder zorgvuldig met zijn gezondheid is omgegaan, is er een grotere kans op manifest worden van datgene dat al latent aanwezig was.

Het mooie van iriscopie is dat je in een vroeg stadium kunt waarnemen waar iemands zwakke punten zitten. Dus om een zo goed mogelijke geneeskracht aan het werk te zetten is het van belang te zien welke organen een extra stimulans kunnen gebruiken of waar gedraineerd moet worden opdat de toxische belasting niet verder vergroot wordt.

Op die manier is er dus meteen al aan de basis een verbetering aan te brengen.

Zo zijn o.a. de kans op diabetesontwikkeling, reuma, maag-darmaandoeningen, verkrampingen en de status van de bloedvaten onmiddellijk waarneembaar door middel van een iriscoop, een apparaat dat veel overeenkomsten heeft met een soortgelijk apparaat bij de oogarts of opticiën.